3. Duurzaam verbouwen

Voor de verduurzaming van woningen wordt een fonds ingericht van waaruit voorfinanciering mogelijk is. Bewoners worden uitgedaagd om energiebesparende maatregelen te bedenken en te treffen. Het is bij lagere energielasten door verduurzaming geen automatisme dat de huur omhoog gaat.

Voor de verduurzaming van woningen wordt een fonds ingericht van waaruit voorfinanciering mogelijk is. De meeropbrengsten van de besparingen kunnen (deels) in dit fonds worden teruggestort, zodat er een soort revolvingfonds ontstaat.

Bewoners worden uitgedaagd om energiebesparende maatregelen te bedenken en te treffen. Door middel van speciale programma’s wordt gewerkt aan bewustwording van het energiegebruik.

Het is bij lagere energielasten door verduurzaming geen automatisme dat de huur omhoog gaat.

We gaan er voor dat er voldoende betaalbare huizen voor uiteenlopende soorten huishoudens beschikbaar zijn. Iedereen dient goed te kunnen wonen voor een eerlijk deel van het besteedbaar inkomen.

Als bewoners dat willen, moeten ze letterlijk de baas zijn over hun eigen huis en op die manier een directe invloed op hun woonomgeving hebben.

Er zullen méér huizen moeten worden gebouwd, namelijk daar waar mensen graag wonen, en ontworpen worden op basis van woonwensen.

Om de betaalbaarheid te kunnen garanderen zullen de woonlasten omlaag moeten.

Wij streven naar gemengde wijken en dorpen. Dit betekent dat er ruimte is voor diversiteit, jongeren, alleenstaanden, gezinnen met jonge (en oudere) kinderen, meerdere generaties van een familie onder één dak, ouderen en statushouders. Gemengde wijken passen bij het idee van een  inclusieve samenleving.

Wij zorgen voor voldoende en beschikbare sociale huurwoningen (betaalbare voorraad) voor alle doelgroepen van de sociale huur.

We maken in onze regio afspraken maken over voldoende aanbod van betaalbare huurwoningen. Iedere gemeente in de regio levert een eigen bijdrage.

De gemeente wijst in overleg met de corporatie de voorraad goedkoopste huurwoningen aan en draagt er zorg voor dat die goedkope huurwoningen  verspreid over de verschillende wijken (of dorpen) liggen. Zo worden de negatieve effecten van passend toewijzen zoveel mogelijk beperkt.

Wij leggen ons niet neer bij het idee dat éénoudergezinnen niet in aanmerking kunnen komen voor een grondgebonden woning (dit is een woning op de begane grond die vaak een tuin heeft).

In alle afspraken met corporaties en ontwikkelaars vormen gemengde wijken en dorpen het uitgangspunt.

In onze gemeente wordt een minimaal aantal koopwoningen aangeboden tot een koopprijs van
€ 180.000. Dat doen we door harde convenanten te sluiten met projectontwikkelaars.

In onze gemeente worden sociale huurwoningen bijgebouwd. Er komt een verkoopverbod op sociale woningen. Hierover maken we prestatieafspraken met de corporaties.

Alle sociale woningen zijn binnen 10 jaar goed geïsoleerd. Hierover maken we bindende  afspraken  met  corporaties. De netto woonlasten mogen dan niet omhoog gaan.

We zorgen samen met ontwikkelaars voor meer woningen in de middenhuur  (€ 750 – € 950).

Er komen meer woningen of woningen worden aangepast in het kader van levensloopbestendig wonen.

Er zijn voldoende woningen beschikbaar voor toetreders op de woningmarkt, de mensen die vanuit beschermd wonen zelfstandig gaan wonen, ouderen en statushouders.

Groepen bewoners die panden in eigen beheer willen nemen of een wooncoöperatie willen starten, worden ondersteund en krijgen hiervoor de ruimte.

Wij helpen deze groepen bij het opstellen van een plan van aanpak en het rondkrijgen van de financiering van deze wooncoöperatie.

We stellen een leegstandsverordening op waardoor we leegstand effectiever kunnen aanpakken: actief aanschrijven en met (dreiging van) dwangsom. Leegstand mag nooit lonend zijn.

We maken afspraken met corporaties, zodat zij niet meer met leegstandsbeheerders in zee gaan, maar  gebruik maken van de mogelijkheden voor tijdelijke huur.  Bij tijdelijke huur krijgen de huurder namelijk wel huurbescherming.

We pakken overlast aan door de overlastgever sneller uit huis te zetten.

Wij zien het grondprijsbeleid als sturingsinstrument voor de ontwikkeling van woningbouw in onze gemeente en willen geen risico’s lopen door onze grondprijzen.

Het idee van zelf kunnen bouwen (zelfrealisatie) wordt mogelijk gemaakt.

Wij kiezen voor versneld bouwen van kleinere (tijdelijke) woningen in gemengde wijken en dorpen om de wachtlijsten voor de sociale huur op te lossen en mensen versneld te kunnen huisvesten. Deze woningen zijn toegankelijk voor iedereen die in aanmerking komt voor sociale huur en zijn niet voorbehouden aan specifieke doelgroepen.

Wij versterken de rol van huurdersverenigingen en stimuleren die van particuliere huurdersverenigingen. We doen dit door de verenigingen te faciliteren in het opdoen van kennis en scholing en hen bij te staan bij het inhuren van ondersteuning.

Wij kennen in onze gemeente de eigenaren in de particuliere sector en ook in deze sector is er toezicht op onderhoud en kwaliteit. Hiervoor voeren wij een woning-apk in.

Woningen die worden verhuurd door particuliere beleggers/aan- bieders onder de sociale huurgrens worden ook in het toewijzingssysteem opgenomen.

Mobiliteit in je eigen buurt behoort tot de mogelijkheden. Dit betekent automatisch dat  er een gedifferentieerd aanbod moet zijn, zowel naar kwaliteit van huur- en koopwoningen als naar geschiktheid voor verschillende levensfasen.

Wij kiezen voor gemengde wijken. In wijken met een grote voorraad sociale woningbouw kan scheefwonen bijdragen aan de diversiteit in de wijk. Scheefwonen kan dan een bijdrage leveren aan een divers samengestelde wijk. Het inzetten op het verminderen van scheefwonen moet niet leiden tot eenzijdig samengestelde wijken.

Diversiteit in wijken en dorpen is nodig om segregatie te voorkomen.

Herbestemming en transformatie van kantoren kan een oplossing bieden om een tekort aan goedkope woningen voor doelgroepen op te lossen. Daarmee wordt de leegstand opgelost en een impuls aan de woningmarkt gegeven.

Experimentele vormen van woningbouw voor ouderen, woon- en leefgroepen en levensloopbestendig wonen worden bevorderd.

 

Juist in krimpgemeenten als de onze is er meer behoefte aan levensloopbestendig wonen of het combineren van meerdere huishoudens onder één dak.

In de landelijke gebieden is het mogelijk is te bouwen, zodat meerdere generaties in de buurt van het oorspronkelijke bedrijf kunnen blijven wonen.

Leegstand moet worden voorkomen. In overleg met corporaties, wijk- en dorpsraden en particuliere eigenaren zal er een plan worden ontwikkeld om de leefbaarheid te behouden. Dit vergt maatwerk. Een gericht aankoop- en sloopbeleid voor verouderde en onverkoopbare woningen of bedrijfsgebouwen kan hier deel van uitmaken. In dat geval wordt er een sloopfonds gecreëerd.

Met name voor jongeren (20-25 jaar) in de kleine kernen willen we nieuwe mogelijkheden creëren voor betaalbare woonruimte, vergelijkbaar met het wonen op kamers in bijvoorbeeld Enschede of Nijmegen. Het gereed komen van het nieuwe traject Groenlo – Enschede kan voor een aantal van deze jongeren een reden zijn om vanwege studie niet naar Enschede/Hengelo te verhuizen omdat de reistijd aanzienlijk verkort wordt. Er dienen dan uiteraard wel mogelijkheden voorhanden te zijn om vergelijkbare/betaalbare woonruimte te vinden in eigen dorp. Dit is een aanbeveling uit de Leefbaarheidsvisie van de Kleine Kernen. Gedacht wordt hierbij aan een lokale wooncorporatie waarbij het dorp zelf de regie houdt.